|
|

| | Actueel |
| Ministerie keurt natuurbegraven goed
Pluim voor natuurbeheer op natuurbegraafplaats Weverslo
Het natuurbeheer op natuurbegraafplaats Weverslo is in goede handen. Dat blijkt uit brieven van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie aan de natuurbegraafplaats. Daarin stelt het ministerie dat er geen ontheffing nodig is van de Flora & Faunawet voor het begraven in de natuur op Weverslo.
In een beheersplan heeft de natuurbegraafplaats vastgelegd dat jaarlijks de stand van zaken en de ontwikkeling van de flora en fauna op de natuurbegraafplaats zullen worden gemonitored. Daarbij wordt speciaal gelet op de leefruimte voor beschermde diersoorten als dassen en vleermuizen. De manier waarop Weverslo een graf delft en dicht heeft volgens het ministerie nauwelijks invloed op de natuur. Bovendien gebeurt het zeer zorgvuldig.
Het ministerie heeft de maatregelen die het bestuur van de natuurbegraafplaats in een beheersplan al eerder heeft vastgesteld, overgenomen als leidraad voor toezicht op de natuurbegraafplaats. Ook de gemeente Venray heeft het beheersplan bij de besluitvorming positief beoordeeld.
Ruimte en rust
Het gefaseerde gebruik van het natuurgebied voor de uitgifte van graven, zorgt ervoor dat de bos- en natuurontwikkeling alle tijd en ruimte krijgt. Daardoor is er steeds veel rust in het gebied. Dat is ook voor bezoekers belangrijk. Niet meer dan een vijfde deel van het gebied zal tegelijk in gebruik zijn voor natuurbegraven. Grafmonumenten en markeringen zijn uitsluitend van organisch materiaal dat van nature in het gebied voorkomt. Mede daardoor houdt het bos zijn natuurlijke karakter. Alle activiteiten zijn kleinschalig en hebben een intiem karakter.
Beheerder Gé Peterink is tevreden met de ministeriële goedkeuring van de gekozen aanpak en werkwijze. “We krijgen van nabestaanden en bezoekers veel positieve reacties. Het is ook voor hen belangrijk, omdat er vertrouwen uit blijkt in onze aanpak. De positieve reacties ondersteunen en motiveren ons om op deze manier verder te gaan”, aldus Gé Peterink in een reactie.
|  |
| Een overlijden, wat dan?
Ingen-Zetten. Uitvaartverzorging Erik van Zoest en Rouw- en verliesbegeleiding Marriet van Rekum vullen elkaar aan waar dat gewenst is. In de breedste betekenis van Respect voor alle wensen, aandacht voor alle mensen wordt zorg geboden rond een overlijden aan de betrokken personen.
Rouwen is langzaam beseffen, dat door verlies van een dierbare je leven ingrijpend verandert. Dit kan al beginnen voor een overlijden. Daarbij kan Erik van Zoest ondersteunen met het vormgeven van de uitvaart. De zorg stopt echter niet op de dag van de uitvaart. Na de uitvaart worden de nabestaanden nog een aantal keren bezocht. Hierbij wordt teruggekeken op de uitvaart en kan er verder begeleid worden in uw keuze voor onder andere een dankbetuiging of grafmonument.
Buiten de uitvaart om is soms extra hulp nodig met het rouwproces. Hierbij kan Marriet van Rekum als gespecialiseerd rouw- en verliesbegeleidster een handvat bieden. Doorverwijzing naar Marriet via de huisarts is mogelijk, ook voor kinderen.
Zorgen met één doel voor ogen
Zorgen met alles wat gegeven is in ons vermogen
Zorgen in een tijd die stil lijkt te staan
Zorgen in een tijd die toch blijkt door te gaan
Zorgen rondom een overlijden
Zorgen die niemand kan vermijden
Zorgen met respect voor alle wensen
Zorgen met aandacht voor alle mensen
Erik en Marriet
Voor informatie of vragen kunt u vrijblijvend contact opnemen met Marriet van Rekum, Kerkstraat 3a te Zetten, tel 06 - 28 52 18 83 of via www.rouw-en-verliesbegeleiding.nl en met Erik van Zoest, Tabaksland 73 te Ingen, tel 0344 - 65 55 32 of via www.uitvaartverzorging.erikvanzoest.nl.
|
|
13% niet meer aan het werk na dood partner of kind
Bij 10% van de Nederlanders die een partner of een kind verliezen, komt het plezier in het leven nooit meer terug. En 13% van hen is ook nooit meer aan het werk gegaan. Dat blijkt uit een representatief onderzoek onder de Nederlandse bevolking dat de KRO in samenwerking met de Koninklijke Facultatieve liet uitvoeren. De resultaten worden zondag 1 november in het KRO-programma ‘Ode aan de Doden` (21.50 uur) bekendgemaakt. Dat programma wordt op Nederland 2 uitgezonden bij gelegenheid van Allerzielen, de dag op 2 november dat katholieken hun doden herdenken.
Ode aan de Doden: zondag 1 november, Nederland 2 (21.50 – 22.50 uur)
In Nederland gaan jaarlijks zo’n 140.000 mensen dood , elke 5 minuten 1 persoon. In ‘Ode aan de Doden’ krijgt een 30-tal overledenen een speciaal eerbetoon. René Froger brengt vanuit het Amsterdamse café Bolle Jan een ode aan zijn ouders. Zij overleden dit jaar kort na elkaar. Kees Jansma herdenkt zijn leermeester Herman Kuiphof. Onder de hoede van de beroemde commentator zette Jansma zijn eerste schreden op het pad van de sportjournalistiek. Martine Bijl herdenkt acteur Pieter Lutz , Pieter van Vollenhoven spreekt met liefde over zijn overleden vriend Paul Nouwen en voetbaltrainer Foppe de Haan staat stil bij de dood van Bertje Jens, mede-bedenkster van het beroemdste wandelpad van Nederland: het Pieterpad.
Naast een overzicht van vele bekende gestorven Nederlanders, komen in ‘Ode aan de Doden’ familieleden en vrienden van onbekende overledenen aan het woord. Het verhaal van de 17-jarige Iris Verstoep bijvoorbeeld. Zij kwam op weg naar een carnavalsfeest bij een scooterongeval om het leven. Vader, moeder en de chauffeur die haar aanreed vertellen hoe zij het verlies dragen en hoe ze de draad van het leven weer oppakken. Het onderzoek naar Rouw in Nederland laat zien dat het verdriet over de dood van een partner of kind de meeste pijn geeft. En het verdriet duurt ook het langst. Mensen hebben veel meer tijd nodig om werk of opleiding weer op te pakken. Bij 70% van de mensen die een partner of kind verliezen duurt het langer dan een half jaar voordat ze weer enig plezier in het leven hebben. Bij 10% komt het plezier in het leven niet meer terug.
Rouwen maakt mensen letterlijk ziek, vooral degenen die een kind of partner verliezen. Het overgrote deel (80% of meer) was in de periode na het verlies vermoeid, had gezondheidsklachten, toonde gebrek aan eetlust en had geen zin om nieuwe dingen op te pakken en onder de mensen te komen.
Een kwart van de mensen heeft hun dierbare verloren na een lang ziekbed. Opvallend was dat 41% van hen dit lange ziekbed zwaarder heeft ervaren dan de rouwperiode na een overlijden. Een kwart van hen vond de rouwperiode juist zwaarder. Tenslotte is het opvallend dat het verlies van een vriend of collega wordt onderschat. Uit het representatief onderzoek blijkt dat 10% vindt dat er te weinig rekening wordt gehouden met hun verdriet.
|
| Marriet van Rekum rouw- en verliesbegeleiding
Sinds enige tijd is de site van Marriet van Rekum online. Zij is gespecialiseerd in rouw- en verliesbegeleiding. Daarnaast is zij gecertificeerd binnen de uitvaartverzorging en begeleiding en heeft een eigen praktijk om mensen te begeleiden en cursussen te geven voor alle vormen van verlies.
Hierbij denken we meestal gelijk aan overlijden, maar ook bijvoorbeeld gezondheid- of werkverlies brengt een vorm van rouwen in beweging.
Mocht er behoefte zijn voor een gesprek of verdere begeleiding, kan zij u via de Uitvaartverzorging Erik van Zoest bijstaan, maar u kunt haar ook rechtstreeks benaderen.
Via haar site krijgt u meer toegespitste informatie.
De site is www.rouw-en-verliesbegeleiding.nl.
|
| Herinvoering verbod op doorsnijden rouwstoet
Vanaf medio 2010 is het verbod op het doorsnijden van een rouwstoet in ere hersteld. Toenmalig minister Eurlings van Verkeer en Waterstaat heeft het verbod op het doorsnijden van een rouwstoet opnieuw ingevoerd. ,,Het belang van het geven van ruimte aan een rouwstoet gaat veel verder dan het domein van verkeer alleen. Het zegt veel over de mate van respect in de samenleving in den brede`, aldus Eurlings die met de invoering gehoor geeft aan de motie De Rouwe over het in ere herstellen van het verbod op het doorsnijden van een rouwstoet.
Verkeersveiligheid, handhaafbaarheid en aansprakelijkheid zijn van belang bij het zo zorgvuldig mogelijk invoeren van het verbod. In overleg met de uitvaartbranche is een aantal afspraken gemaakt over de herinvoering.
Zo is een goede herkenbaarheid van de rouwstoet cruciaal voor het invoeren van het verbod. Door het sterk verminderde gebruik van zwarte volgauto`s was de rouwstoet veel minder herkenbaar. Dat was in 1990 reden om het verbod te schrappen.
Bij de herinvoering zullen alle voertuigen van de rouwstoet daarom een zelfde herkenningsteken moeten voeren. Dit herkenningsteken moet bepaalde afmetingen hebben, voor alle verkeersdeelnemers duidelijk en makkelijk herkenbaar zijn, van alle kanten goed zichtbaar zijn (ook bij slecht weer) en mag het zicht vanuit de auto niet belemmeren. Hiervoor zijn enkele herkenningstekens ontworpen die eerst getest zullen worden voordat een definitieve keuze wordt gemaakt.
Om de verkeersveiligheid niet in gevaar te brengen is met uitvaartbranche afgesproken dat de volgauto`s van een rouwstoet niet door rood licht mogen rijden, ook niet als het eerste voertuig door groen is gereden.
|
| |
| |
|
|
|